Academic journal article Literator: Journal of Literary Criticism, comparative linguistics and literary studies

Vast

Academic journal article Literator: Journal of Literary Criticism, comparative linguistics and literary studies

Vast

Article excerpt

Het is de ultieme openingszin. Maar als ze opkijkt naar zijn verweerde gezicht, weet ze dat hij de waarheid spreekt. Dan pas dringt het tot haar door wat hij werkelijk gezegd heeft, ademloos, elk woord benadrukkend om het cliche te omzeilen.

"Ik ken jou, maar het is lang geleden. De lagere school, weet je nog? Ik zat bij meester Vliegenthart en jij zat--wat was het--twee, drie jaar daaronder?"

"Drie jaar," knikt ze. Ze is verbaasd over de stelligheid van haar eigen antwoord. Verbaasd over de helderheid waarmee die hele vergeten kinderwereld zich opeens weer aan haar opdringt. Alles weet ze nog. Het gegil van de kinderen op de speelplaats. De sensatie van achterna gezeten worden, van hard wegrennen en de grond onder je voeten zien vervagen, van struikelen en kapotte knieen. De geur van verveling in het bedompte klaslokaal, van striemende regenvlagen tegen de hoge ramen. Ze weet zelfs zijn naam nog.

"Nooit gedacht dat ik je hier nog eens zou tegenkomen," zegt ze. Ze neemt een slokje van de espresso die hij voor haar heeft neergezet en kijkt rond. Een zwartgelakte bar met een gebaksvitrine ernaast, een tiental tafeltjes met strak vormgegeven stoelen, daarachter het museumwinkeltje met ansichtkaarten, Delftsblauw aardewerk, zilveren lepeltjes en boeken over de geschiedenis van de streek.

Door de openstaande terrasdeuren kan ze de aan haar zorg overgeleverde Japanners over de aangeharkte paadjes van de proeftuin zien drentelen. Trouwhartig buigen ze zich voorover om de naambordjes bij de lege perken te ontcijferen, alsof de zwierige Latijnse namen een belofte inhouden die pas volgend voorjaar zal worden ingelost.

Vanochtend heeft ze, met een blik op de zinkgrijze najaarslucht, nog overwogen of ze ze maar niet liever moest meenemen op een rondrit door Amsterdam. Maar dat zou in strijd zijn met een van de gouden regels uit de toeristenindustrie. Ze hadden betaald voor bollenvelden en dus kregen ze bollenvelden, ook al viel daar in dit jaargetijde nauwelijks wat te beleven. Anders konden ze zich er achteraf over beklagen dat de verwachtingen die het reisprogramma had opgeroepen, niet waren beantwoord.

Met nog steeds diezelfde helderheid kan ze zich opeens weer herinneren wat deze jongen, deze man, bedoelt ze, in zijn jeugd had willen worden. Hij was toch dat enge joch dat elke woensdag over de akkers zwierf, op zoek naar pijpenkoppen, schedels van veldmuizen, potscherven en achtergebleven Duitse granaten? Hij vond ze nog ook en vaak nam hij ze mee naar school om ze aan meester Vliegenthart te laten zien. Ar-che-o-loog. Van wat hij wilde worden, konden de andere kinderen het woord niet eens uitspreken. Nu vindt ze hem terug als uitbater van het plaatselijke museumcafe.

Hij negeert het misprijzen in haar woorden en wrijft over de opbollende buik onder zijn voorschoot. Hij volgt haar blik en glimlacht.

"Ja, ik heb hier zo mijn eigen koninkrijkje opgebouwd", zegt hij. "Nu valt hier niet veel te beleven, maar je moet eens in het voorjaar komen. Dan zit het hier hutje-mutje."

"Natuurlijk." Niet alleen de werking van haar geheugen verbaast haar, maar ook de mildheid waarmee ze naar hem luistert, zijn gezicht aftast naar sporen van teleurstelling. Haar lichaam veert op. Voor het eerst die dag trekt de hoofdpijn weg die vanaf het moment dat ze is opgestaan als een mistsluier over haar gedachten heeft gelegen. Of was diezelfde doffe mist er al eerder geweest, gisteren, vorige week? Maar nu is ze weer helemaal scherp. Alles in haar bereidt zich voor om hem te troosten en met een compliment voor zijn lekkere koffie en zijn gezellige winkeltje de pijn om zijn vervlogen jongensdromen te verzachten.

"En jij?" vraagt hij, met een blik op haar Japanners. Ze hebben zich tegen de muur van de oude schuur opgesteld, tussen de antieke sorteermachine en de zakken met bollen. Om beurten maakt er zich een uit het tableau los voor alweer een groepsportret. Alles wat ze in twaalf dagen over Europa te weten zijn gekomen, is weggeschreven naar de geheugenruimte van hun digitale camera's. …

Search by... Author
Show... All Results Primary Sources Peer-reviewed

Oops!

An unknown error has occurred. Please click the button below to reload the page. If the problem persists, please try again in a little while.